Te hoog?
Jul18

Te hoog?

Vanochtend een wandeling, een rit met een kabelbaantje en sneeuwpret. Dan lunchen met kipsandwich.

‘s Middags speelden we een oefenwedstrijd tegen een Engels-Duitse combinatie. Dat ging heel redelijk, hoewel na een tijdje bleek dat één van de Engelse paren de helft van de spellen al kende. Toch behaalden we een regelmatige overwinning.

En dat ondanks dit minder gelukkige spel. Wat open je niet tegen wel in de eerste hand met:



Voordat we verder gaan even heel iets anders. Hieronder zie je dat we een prima plaats hebben gevonden in het hotel voor de teambesprekingen.

knutselen

Goed, met deze kwetsbaarheid openen we ‘vanzelfsprekend’ 3♠. Dat drijft de tegenpartij naar een te hoge 4:



Dat kon niet down toen de klavers zo miraculeus vielen.

Morgen het echte werk:
Om 10.00 Denemarken, 14.00 Finland, 17.10 Hongarije. 3×20 spellen. We zijn er klaar voor.

 
Lees meer
Jacht
Jul13

Jacht

Afgelopen zaterdag joegen we in tropisch Utrecht op diamanten, over een kleine week is de jacht op de IMPen geopend.

In de oefenwedstrijd van gisteravond bleek dat het systeemboek er nog niet bij iedereen 100% inzit. Daar is dus nog werk te verzetten, want unforced errors zijn alleen maar extra obstakels in de jacht op de medailles.

teamdag

Zondag 19 Juli om 10 uur de eerste wedstrijd tegen Denemarken. Volg de verrichtingen van de aspiranten hier op deze site en de laatste nieuwtjes via twitter.

Vier van de zes aspiranten maakten vorig jaar hun debuut op het WK in Istanbul. Na de ‘nul’ tegen de latere wereldkampioen Zweden en nog twee nederlagen op de eerste dag begon de weg omhoog. We versloegen wat concurrenten en speelden ons de kwartfinale in met een gelijkspel tegen Polen.

Hier een leuk spelletje uit één van de eerste rondes van onze wederopstanding. Probeer het eerst eens als startprobleem:



Thibo Sprinkhuizen vond de ruitenstart. Over het algemeen is het tegen troefcontracten vaak goed om de kortste van partners kleuren te starten, omdat je daar vaak meer slagen in kan ontwikkelen of oprapen. Zo lag het spel: (klik op next voor het spelverloop)



Aan de andere tafel begon het bieden pas-1♣-pas-1♠. Oost doubleerde niet. Tegen 4♠ koos hij voor 10 als uitkomst. De leider, Pim Coppens, kon direct een ruiten weggooien, maar moest nog wel even zorgvuldig spelen. De hand is gedraaid zodat ook hier Zuid leider is. Klik weer op next voor het spelverloop:



Pim deed de ruitens goed en scoorde +420 voor 10 IMPs winst. Zoals het nu zat had hij het ook kunnen maken door te troeven en klaver te spelen, maar dat is een veel minder goede speelwijze.

 
Lees meer

Oplossing PodW I, Gro’s Supercup

gepost door Tom van Overbeeke

Dit was het probleem van vorige week.
Laten we beginnen te kijken wat partner moet hebben om 3SA down te krijgen.
Samen met dummy hebben we 16 punten. De leider heeft er 17-19, dus partner heeft er maximaal 7. Dat betekent dat partner één aas heeft en daarnaast ♠K of Q. Uit deze conclusie zien we meteen dat we haast moeten maken om onze slagen te ontwikkelen. Als partner A heeft, dan gaat de leider (uiteindelijk) 2 ruitenslagen, 4 klaverenslagen en 3 slagen in de majors maken, afhankelijk van welke plaatjes hij precies heeft. Heeft partner A niet, dan gaat de leider 3 ruitenslagen, 4 klaverenslagen en 2 majorslagen maken.

Het is dus niet goed om ruiten na te spelen. Immers, als partner ruiten aas niet heeft, dan is dit naspel te passief. De leider ontwikkelt zijn negende slag in een hoge kleur. Heeft partner ruiten aas wel, dan ontwikkelen we de tweede ruiten voor de leider als we die kleur naspelen. Hij heeft dan 4 klaveren, 2 ruiten en ♠AKA of ♠AAQ (via de snit). Dat zijn er negen.

Hartennaspel kan zeker slagen ontwikkelen. Het is duidelijk dat partner Q moet hebben: als hij deze niet heeft, dan is het naspel opnieuw te passief. Een makkelijke variant is als partner AQT heeft. Dan rapen we gewoon onze slagen op en is het down. Heeft partner QTx, dan is hartennaspel niet genoeg: de leider zakt A tweemaal en kan daarna partners aas eruit werken voor 9 slagen.

De laatste optie is om schoppen na te spelen. Dit naspel heeft een duidelijke kans op down: als de leider ♠Ax heeft en partner ♠Kxx, dan gaan wij drie schoppenslagen ontwikkelen en kan de leider daar niets tegen doen. Alhoewel niets, daar zitten nog wat haken en ogen aan, maar daar kom ik zo op terug. Daarnaast is het direct down als partner ♠AKx heeft. Merk op dat ♠Axx en Q niet goed genoeg is. Schoppennaspel ontwikkelt dan een slag voor de leider, die 1 schoppenslag, A, 3 ruitenslagen en 4 klaverenslagen maakt.
Het moge duidelijk zijn: schoppennaspel levert de beste kansen op down op.

Laat ons tot slot het verdere spelverloop bekijken. Daar vinden we de haken en ogen die ik eerder noemde: Stel dat we schoppen naspelen en partner heeft inderdaad ♠Kxx. De leider zal ♠A de tweede ronde pakken en drie rondjes klaveren spelen. Wij moeten dan drie discards vinden.
Als de leider T heeft, mogen we maar één harten weggooien. In alle varianten kan de leider het nu halen:
– Als we twee ruitens weggooien, speelt de leider 3 ronden harten en mogen we ♠J brengen.
– Gooien we een schoppen af, dan neemt de leider de hartensnit en gaat hij er met ruiten uit. Aan slag met ♠Q mogen we de hartensnit nogmaals brengen.
– Zouden we tenslotte ♠Q weggooien, dan maakt de leider Q en ♠J.
We moeten er dus vanuit gaan dat partner T heeft. Hij mag dan geen harten weggooien, maar dat zal geen probleem zijn. Hij heeft immers genoeg ruiten om weg te gooien en hij weet ook wat er aan de hand is. Onze discards zijn met deze aanname makkelijk: we bewaren de schoppen en ten minste één ruiten.

Overigens is het niet geheel duidelijk dat de leider speelt zoals hierboven. Hij kan ook direct een ruiten opspelen, in de hoop dat de schoppens 2-5 zitten. Hij weet immers dat partner A heeft (weet je waarom?). Partner is dan op zijn post en stapt op met A om schoppen na te spelen.

Was dit een makkelijk spel?
Eigenlijk wel, als je er even over nadenkt. Dat is nu juist vaak het probleem: soms heb je de tijd niet en soms ook vergeet je de tijd te nemen. Zo werd bij een Nederlands toppaar ♣8 gegooid als odd-ball: aan in ruiten. De Oostspeler speelde daarom simpel zijn partners kleur na, terwijl bovenstaande redenering nog steeds hout snijdt.
In de praktijk speelde negen Zuidspelers 3Sa en alle kregen ze een ruitenstart. Zeven leiders mochten 3Sa maken, terwijl dit eigenlijk niet had mogen gebeuren. 3Sa downspelen leverde daarom 111 crossIMPs op. 3Sa laten maken kostte slechts 53 crossIMPs.
Bij ons aan tafel kwam mijn partner aan slag met ♣Q en hij speelde goed schoppen na. Ik moet toegeven dat hij het iets makkelijker had dan jullie in het probleem hierboven, want wij spelen Lavinthal in slag twee: ♣8 was dus een schoppensignaal!

 
Lees meer

Biedquiz 4

 
Lees meer

Welke manche (oplossing biedquiz 3)

Een leuk biedprobleem uit een viertallenwedstrijd op een clubavond, al weer een tijd geleden.

Vijftig lezers zonden hun visie in. Zo werd er gestemd:

3♠ 24
4 15
4 5
4♣ 4
pas 2

3 is forcing, partner is ongelimiteerd, dus pas is geen optie.

Steunen dan maar? Dat vindt een grote groep inzenders. Er zijn er bij die melden dat 3 een zeskaart toont. Dat zou mooi zijn, maar dan was dit probleem niet zo interessant. We moeten er helaas rekening mee houden dat partner ook een vijfkaart kan hebben.

Beter lijkt het om 3♠ te bieden.

Huub: “3♠. Op zoek naar de beste manche.”
Pierre: “3♠. Er is nog geen fit gevonden dus komt 3SA als eerste in aanmerking. Ik vraag partner om een stop in schoppen.”
Dennis: “3♠. Je moet 3SA open houden. Een paar handjes bedenkend, is dat vaak de beste manche. Bovendien sluit 3♠ nog niets anders uit.”

Als partner op 3♠ 4 biedt, kunnen we er zeker van zijn dat we in het juiste contract zitten. Maar wat als hij 3SA zegt?

Guy: “…partner zou nu ook met Kxxx 3SA bieden, terwijl het mogelijk kansloos is…”
Ja, partner biedt met elke stop 3SA. Zeker als hij Axx heeft, kan een andere manche veel beter zijn. Onze singleton schoppen is erg mooi voor een troefcontract.

De beste optie lijkt me 3♠. Zegt partner 4 dan passen we tevreden. Biedt hij 3SA, dan bieden we 4, om aan te geven dat we op zoek zijn naar de beste manche. Partner kan met een zesde harten zijn kleur herhalen, anders spelen we 5.

Gaat partner dat begrijpen? Of denkt hij dat je aan het cue-en bent voor harten als je niet direct 4 biedt? Spreek het snel even met hem door!

Het hele spel:



Aan tafel bood Zuid 4. Met dit troefzitsel kansloos.
Hoe zou het aflopen met de andere opties?

Met pas scoor je +140. Op 4 zal partner 5 bieden. Tijdens het afspel zal je genoeg informatie verzamelen om de klavers goed te doen: +600.
Als je 4♣ biedt, hoe zou het dan verder gaan? Dan heeft Noord een erg lastig bod – wat je noemt een biedprobleem. Het lijkt me niet ondenkbaar dat hij 5♣ biedt. Na hartenstart zal dat één down gaan: -100.
En 3♠ dan, ten slotte. Ik verwacht dat Noord daar 3SA op zal bieden. Hij heeft bijna een stop, nietwaar? Of zou hij iets anders moeten zeggen? Zou je op 3SA passen dan loopt het niet goed af: -300.

Winnend op dit spel is dus een direct 4. Ook na 3♠-3SA//4 gaat het nog goed als je hebt afgesproken dat je in dit biedverloop op zoek gaat naar beste manche. Partner zal 5 bieden.

 
Lees meer