Oplossing PodW XVI: De gesloten hand

gepost door Tom van Overbeeke


Je telt in het probleem van vorige week vijf verliezers. Naast de drie schoppens die je al hebt verloren, dreig je ook twee klaverenslagen te verliezen. Je hebt eigenlijk niet heel veel kans, behalve als je Oost kan ingooien om in de dubbele renonce te spelen. Als deze een 4-2-6-1 of een 4-2-5-2 verdeling heeft en hij aan slag komt met zijn laatste klaveren, (nadat jij de ruiten hebt geëlimineerd), dan moet hij ruiten in de dubbele renonce spelen.

De legitieme maakkansen die je hebt zijn als hij ♣H, ♣V, ♣T, ♣HV, ♣HT of ♣VT heeft. Helaas moet je wel kiezen of hij één of twee klaveren heeft, want het is niet met elkaar te combineren. Je moet dus kiezen of je Oost op een 4-2-6-1 of een 4-2-5-2 speelt. Het antwoord hierin ligt in de verdeling van West. Hij heeft in het eerste geval een 2-2-4-5 en in het tweede geval een 2-2-5-4. Beide verdelingen komen overeen met het biedverloop, maar zijn ruitendiscard in slag 3 wijst erop dat hij een 2-2-5-4 heeft. Mensen zijn in zulk soort situaties nu eenmaal sneller geneigd om hun vijfkaart af te breken. (Bedenk dat hij niet weer welke minor zijn partner heeft).

Dat betekent dat we Oost op een 4-2-5-2 spelen en dat we hem gaan ingooien door ♣A te spelen en klaveren na te spelen, (dat laatste doen we natuurlijk na het troeftrekken en het elimineren van de ruiten). Dit kunnen nu echter ook nog een illegale maakkans meenemen. Dit is de kans dat Oost vergeet te deblokkeren van ♣Hx of van ♣Vx. Om het hem zo moeilijk mogelijk te maken, moet je in slag 5 direct een klaveren naar ♣A toe spelen. Oost moet dan vroeg op zijn post zijn om zijn honneur weg te gooien. Doe je dit later in het spel, dan is het makkelijker voor Oost om te zien.

Helaas zit Oost op zijn post en gaat op ♣A diep in de denktank. Na een minuut of twee gooit hij ♣H eronder. Het lijkt erop dat hij niet in onze valstrik is getrapt. Kunnen we nog een andere truc uit onze mouw schudden?

Het antwoord op deze vraag staat hieronder. Probeer, voordat je verder leest, deze vraag eerst zelf op te lossen. Geloof me, het is een leuk en lastig probleem.

Het antwoord is ja! De list is moeilijk te zien, omdat jij als leider geneigd bent om vanuit jouw positie in plaats van die van de tegenstander te redeneren. Het is echter mogelijk om jouw tegenstander voor een gigantisch probleem te stellen. Je moet het echter wel goed timen:

Merk op dat deze speelwijze natuurlijk werkt als Oost ♣HV of ♣HT heeft. Stel echter even dat hij ♣Hx heeft, (West heeft dan ♣VTxx), en ga op de stoel van West zitten. Hij weet inmiddels hoe het spel verdeeld zit. Wat hij echter niet weet is de locatie van klaveren boer! Als zijn partner deze heeft, dan moet hij ♣V opstappen om de ♣B te krokodillencoupen. Heeft de leider klaveren boer, zoals in de praktijk, dan moet hij deze slag nemen met ♣T. Het zou kunnen zijn dat hij dit goed doet, maar het zou ook zomaar kunnen dat hij dit fout doet. Hoe dan ook, je hebt de tegenstanders voor een zeer lastig probleem gesteld!

Nadat zijn partner op ♣A lang in de denktank zat, is het nu de beurt aan West. Uiteindelijk legt hij ♣V op tafel en heb het contract toch nog gemaakt!

In de Post Mortem claimt West dat zijn partner de laagste ruiten bijgooide in de eerste ruitenslag. Dat was voor hem aanleiding om hem op ♣B te spelen. Dat is natuurlijk een leuke theorie, maar ik denk niet dat er iemand is die in de praktijk hier voor ♣B zal lavinthallen. Zelf denk ik dat ik het ook fout gedaan had, maar dan om een psychologische reden. Als mijn partner het fantastisch gedaan heeft door ♣H te deblokkeren, dan wil ik niet de speler zijn die hem toch nog laat ingooien!

 
Lees meer

Probleem om de Week XVI: De gesloten hand

gepost door Tom van Overbeeke

Zoals ik vorige week al schreef, stuurde de NBB in februari kanshebbers voor een plek in het open team naar wedstrijden in Monaco en Parijs. Inmiddels is de keus gemaakt en het team gepresenteerd. Het bestaat uit Bas Drijver – Sjoert Brink, Bauke Muller – Simon de Wijs en Bart Nab – Bob Drijver. Dit laatste paar onderstreepte hun uitverkiezing direct door hun titel in het topcircuit met overmacht te prolongeren.

Het probleem van deze week komt helaas niet uit het topcircuit. Ik speelde het zelf in Monaco. Na een wat stroeve start in de swiss speel je wel tegen sterke tegenstanders, maar (nog) niet tegen de echte wereldtop. Dan mag je het volgende spel afspelen:

Je tegenstanders spelen laag-hoog aan of even.

Het bridgespel aan tafel is anders dan een bridgeprobleem op de computer. Een probleem op de computer maken is als het maken van een speelplan. Vaak gebeuren er aan tafel dingen die je echter niet hebt meegenomen in je speelplan en moet je daarop reageren. Zo ook in dit probleem. Daarom heb ik graag dat jullie reacties posten. Dan krijg je namelijk de kans om je plan aan te passen aan de situatie aan tafel!

 
Lees meer

Oplossing PodW XV: Afgooiproblemen

gepost door Tom van Overbeeke


Op het probleem van vorige week kwamen veel reacties. Blijkbaar was het een interessant probleem!
Op zich is het ook een zeer duidelijk probleem. In een viertallenwedstrijd wil je het contract downspelen. Partner moet daarom H hebben, anders heeft de leider 9 slagen. Het hartensignaal van partner bevestigt dit. Partner heeft echter V niet, anders is het contract altijd down: in de eindfiguur houdt partner HV over en ♣AJx. Ook als partner H is het contract altijd down. In de eindfiguur houdt hij dan Hx, H en ♣AJ over. Het biedverloop komt overeen met de verwachting dat de leider V en H heeft.

Hoe stellen we ons de vijfkaarteindfiguur voor? Als partner slechts twee klaveren vasthoudt, dan kan de leider ruiten opspelen om zo zijn negende slag te ontwikkelen, terwijl jullie in de verdediging slechts vier slagen hebben. Partner moet daarom Hx en drie klaveren vasthouden. Nu dreigt hij wel te worden ingegooid. Gelukkig heb je ♣6 om deze ingooi te voorkomen. Partner moet zijn ♣3 bewaren, maar dat kan hij wel bedenken. De leider speelt klaveren op in de volgende eindfiguur en jij komt aan slag met ♣6.

Ik heb expres de hartens niet gespecificeerd, want het blijkt zeer belangrijk te zijn welke je overhoudt.
Als je B of T naspeelt, dan kan de leider deze slag zakken. Hij heeft daarmee de communicatie tussen jullie verbroken en kan H net op tijd ontwikkelen om negen slagen te maken. Je moet dus een kleine harten naspelen en hopen dat partner 9 heeft. Het is echter niet goed genoeg om Jx of Tx over te houden. Als jij een kleine harten naspeelt, kan de leider blokken met V en dan blokkeren de harten! Dit betekent dat er twee mogelijke oplosingen zijn. Je kunt ofwel Jxx, A en ♣6 overhouden, ofwel 53, AQ en ♣6. Mijn voorkeur gaat uit naar de laatste oplossing, omdat je dan het contract ook nog down speelt als partner toch H heeft en niet 9. Het voelt misschien alsof dit laatste toch niet gebeurt, gezien het 1Sa antwoord van de leider, maar dit is niet helemaal waar. Het is tegenwoordig in de mode om 1M als (praktisch) forcing te spelen. Zeker als een paar Gazilli speelt is dit nog goed speelbaar. Het voordeel hiervan is dat de tegenpartij zich snel uit de manche laat drukken. Het nadeel is dat je soms te hoog komt. In een probleemspel kan je er altijd vanuit gaan dat de leider 6-11 punten heeft, in de praktijk is dat niet altijd zo. Ook in het psychologische spel heeft de laatste oplossing voordelen. Door meer hartens weg en minder ruiten af te gooien, zou de leider partner bijvoorbeeld kunnen spelen op een singelton H.

Één Frans paar vond deze verdediging en dat vind ik zeer knap, want ik vond het spel als probleemspel al vrij lastig. Aan tafel is het dan nog veel moeilijker. Overigens spelen alle Fransen wel hoog-laag aan of even, dus hadden ze het wel net iets makkelijker, want in slag 1 werd daarom gesignaleerd met ♣2.

 
Lees meer

Probleem om de Week XV: Afgooiproblemen

gepost door Tom van Overbeeke

2016 is inmiddels alweer bijna twee maanden bezig en de grote toernooien van de zomer komen er aan. Dat betekent dat er een keuze gemaakt moet worden wie Nederland mag representeren op het Europees kampioenschap in Budapest en op de Olympiade in Warschau. Deze maand stuurde de NBB daarom kanshebbers naar de European Winter Games en naar een oefeninterland in Parijs. In maart zal de keuze door de bondscoach en trainer worden gemaakt. Zelf maak ik geen kans om het team te halen, maar ik mocht wel mee naar beide toernooien om te trainen.

Uit de oefeninterland in Parijs het volgende verdedigingsprobleem:

In de eerste slag signaleer je met ♣9 een oneven aantal klaveren. In slag drie gooi jij lavinthal voor ruiten en gooit je partner lavinthal voor harten. Welke kaarten gooi je weg op de schoppenoptocht en hoe verwacht je het eindspel op te lossen?

 
Lees meer

Oplossing PodW XIV: MK Finale

gepost door Tom van Overbeeke

Het probleem van vorige week. Je telt elf slagen als je een harten ontwikkelt en een snit op H kan de twaalfde slag ontwikkelen. Dit geldt ook voor een snit op B. Gezien het kwetsbare 1 volgbod, verwacht je echter dat beide snits mis zitten.

Een stripsqueeze kan uitkomst bieden. Als je West forceert zijn exit-kaarten weg te gooien en hem vervolgens met A aan slag brengt, dan hoop je hem te forceren de ruitenkleur open te breken. Dit geeft jou die belangrijke twaalfde slag. Het probleem echter is dat je nog geen elf slagen hebt. Je moet eerst H als elfde slag ontwikkelen, voordat je aan een dwang kan denken. Dan heeft West echter al A genomen en kan je hem daarmee dus niet ingooien.

De oplossing voor de probleem is elegant. Je moet nog niet de schoppen incasseren, maar eerst achter de elfde slag aan gaan. Speel direct een harten naar de heer. West mag deze slag niet nemen, want hij heeft alleen nog maar harten en ruiten over, dus als hij A pakt, dan zit hij ingegooid. Nadat H de slag houdt, steek je over naar ♣V en cash je nu pas de vierde en vijfde schoppen. Hierop gooi je 2 en T weg. (Nu zie je ook waarom je de schoppen niet direct mocht cashen, je had T nodig om een vork te creëren). Vervolgens neem je de klaverensnit en cash je ♣A. Tenslotte is het zaak goed te kunnen lezen wat West heeft overgehouden. Heeft hij H sec gezet, dan sla je A. Heeft hij A sec gezet, dan ga je eruit in harten en forceer je hem zo ruiten in de vork te spelen. Dit lezen kan nog lastig zijn. Een goede West zet bijvoorbeeld snel H sec of houdt nog een lagere ruiten over en gooit B af om zo net te doen alsof hij H sec heeft gezet. In de praktijk heb je dit echter meestal wel door.

In de finale pakt ’t Onstein 11 impen op dit spel. Het loopt daarmee verder uit en wint uiteindelijk verdiend met 184-162.

 
Lees meer