Probleem om de Week XIII: Class act

gepost door Tom van Overbeeke

De halve finales van de meesterklasse staan allebei praktisch gelijk als dit spel ter tafel komt. In beide wedstrijden biedt één NZ-paar 3Sa, terwijl de andere 6 bereikt.

In het tijdschrift Bridge zou nu staan “Sjoert Brink weet het even niet en geeft zijn kaarten aan u”. Sjoert Brink weet het echter duidelijk wel, want hij maakt op een schitterende wijze zijn contract. Lukt u dat ook?

Mocht je op een gegeven moment schoppen koning spelen, dan pakt West en speelt schoppen terug.

 
Lees meer

Oplossing PodW XII: Nine never?

gepost door Tom van Overbeeke

Dit was het probleem van vorige week. Een manche met kansen. Als je de klaveren goed doet, heb je al negen slagen. Wat gebeurt er als je de klaveren mis doet? OW zullen waarschijnlijk hun schoppenkleur vrij spelen. Als jij ♠V een rondje zakt, dan moet je hopen dat de A bij West zit. Ook dan heb je je contract gemaakt, want dan kan de tegenpartij de schoppens niet oprapen, terwijl jij de negende slag hebt ontwikkeld. Als A bij Oost zit, ben je direct kansloos, tenzij hij naast de hoge schoppens ook H heeft. Hij komt dan in een ingooidwang. Gegeven het biedverloop is dit echter niet zo kansrijk. West heeft dan gesteund op drie boeren en misschien klaveren vrouw. Dat is niet waarschijnlijk, gezien het feit dat jij 1Sa hebt geboden.

Dat is een belangrijke aanwijzing in dit spel en misschien ook wel het belangrijkste leeraspect van dit probleem. Soms kan je uit het biedverloop onverwachte conclusies trekken. Omdat Oost gevolgd heeft, maar ook omdat West gesteund heeft, terwijl jij hebt laten blijken de schoppen gedekt te hebben, kun je concluderen dat de punten ongeveer 7-8 zitten. Dat is geen exacte wetenschap: ze kunnen ook 6-10 of 8-7 zitten, maar je verwacht dat Oost niet A en H heeft.

Kun je het maken als Oost A heeft (en je de klaveren verkeerd doet)? Het antwoord is nee, niet als de tegenpartij het goed doet. Omdat West dan H heeft, kunnen zij altijd vijf slagen ontwikkelen. We moeten er dus op spelen dat West A heeft of dat we de klaverenkleur kunnen oprapen. Het is dan duidelijk beter om met de klaveren te beginnen. Mocht Oost per ongeluk ♣Vxx hebben, dan wil je dat hij eerst aan slag komt in klaveren, voordat de schoppen ontwikkeld zijn.

Is dit het einde van onze analyse? We spelen de klaveren van boven (‘nine never’) en als de ♣V niet valt, dan moet West A maar hebben. (Hopelijk) net voordat je je plan ten uitvoer brengt, spot je de adder onder het gras. Stel dat de klaveren mis zitten en West daadwerkelijk A heeft. Als jij ♠V een rondje zakt, dan heb je geen entree meer. De tegenpartij kan overschakelen op de ruitenkleur en hier twee slagen in ontwikkelen. Je krijgt dan wel H, maar dat is pas de achtste slag, omdat je ♠V niet meer maakt. Zij hebben eerder 1 schoppenslag, 1 hartenslag, 2 ruitenslagen en 1 klaverenslag, dan jij je negen slagen hebt.

Mooi verdedigd door de tegenpartij, maar de oplossing mag er ook zijn. De truc is om in slag twee een klaveren naar de boer te spelen. Als deze verliest aan de ♣V, dan kunnen zij wel terugvallen op een andere kleur, maar jij hebt ♣T nog als entree. Je kunt dan daadwerkelijk de extra kans dat West A heeft meenemen.

Oplossing bonuspuzzel
Je hebt eigenlijk niet veel keus op dit spel. Er bestaat een kans dat partner begonnen is met ♣V876, in welk geval je de ♣T zou moeten na spelen als de leider nog ♣A9x over heeft. Dat heeft hij echter niet, want de leider heeft een klaveren afgegooid. Veel waarschijnlijker is dat het zo zit:

 
Lees meer

Probleem om de Week XII: Nine never?

gepost door Tom van Overbeeke

Deze week wordt het probleem iets later gepost. Mijn excuses hiervoor: de studerende bridger heeft af en toe last van tentamens. Om het goed te maken een klein bonuspuzzeltje uit de wedstrijd van afgelopen weekend.

Maar eerst het echte probleem. Uit de clubavond van afgelopen week:

Een manche met kansen. Hoe speel je af en waarom?

Bonuspuzzel:
Eindfiguurtjes kunnen soms erg leuk zijn. Als probleemspel zijn ze echter niet zo geschikt, omdat je meestal met open kaarten speelt. Als klein extra puzzeltje zijn ze wel prima:

Je signalen zijn laag-hoog is aan of even, ook bij afgooien. Daarnaast speel je tweede-vierde door de leider heen. Is dit varkentje nog te wassen?

 
Lees meer

Oplossing PodW XI: Goede voornemens

gepost door Tom van Overbeeke

Het probleem van vorige jaar is niet te moeilijk. Toch denk ik dat mensen in de praktijk te snel zullen spelen en niet de beste speelwijze nemen.

De enige verliezers die dreigen zijn A en drie ruitenslagen. Gezien jouw HBx heb je voldoende kansen om er met twee ruitenverliezers van af te komen en misschien kan je ook wel een ruitje kwijt op de vierde harten. Genoeg kans dus, maar voor een 100% speelwijze zal je West moeten ingooien om of in de ruitenvork, of in een dubbele renonce te spelen. Als West A heeft, is dit geen probleem. Hij kan zelf de ruitens niet aanvallen, dus je kunt eerst de harten en klaveren elimineren. Vervolgens speel je een ruiten naar B en heb je je contract gemaakt. Als Oost echter A heeft en West AV, dan kan een onoplettende speelwijze fataal zijn:

Het zag er allemaal niet heel gek uit, maar toch eindigen we met 9 slagen. De leider beroept zich nu op pech en gaat door met het volgende spel. Toch kan het een stuk beter.

Als de leider bedenkt dat hij alleen een probleem heeft als Oost A heeft, dan kan hij zich hier tegen wapenen door tweemaal harten vanuit Noord te spelen. Om genoeg entrees te bewaren is het handig om dit te doen voordat je een klaveren getroefd hebt. Als harten naar V houdt, dan steek je over met een klaverenruff om nog een keer harten op te spelen. Als B ook houdt, kun je er rustig in harten uit gaan met de zekerheid van je contract. Nog even uitgewerkt:

De eerste speelwijze werkte alleen niet als Oost A heeft, West, AQ en de hartens niet 3-3 zaten. Bij elkaar een kans van 50% x 50% x 50% x 66% = 8%. Als de slordige leider zich mag beroepen op pech in het geval van 8%, mag de nauwkeurige leider zich dan beroepen op pech in het geval van 92%?

 
Lees meer

Probleem om de Week XI: Goede voornemens

gepost door Tom van Overbeeke

Op de clubavond krijg je onderstaande hand. Na je 1♠-opening splintert partner met 4♣. Ondanks dat je geen verspilde waarden hebt in klaveren, besluit je af te zwaaien. Je hebt heel veel zachte waarden (vrouwen en boeren), die ongunstig zijn in een troefcontract en daarnaast is de doubleton klaveren ook niet mooi. Veel liever heb je een vierkaart en kan je een aantal introevers (meer dan één) maken. Als de dummy op tafel komt, blijk je gelijk te hebben. Partner heeft een erg mooie kaart, maar je wilt in geen ander contract dan 4♠ zitten. Zelfs als partner A heeft, is 6♠ geen goed contract. Opgelucht dat je niet te hoog zit, speel je het spel vlot af. Het volgende spel ligt al op tafel. Hopelijk is dat wel interessant.

Dit soort spellen zal je niet zo vaak als probleemspel tegenkomen. Toch denk ik dat veel mensen hier punten laten liggen, ondanks dat ze dat misschien niet door hebben. Ze hebben het juiste eindcontract bereikt en halen dat ook, maar misschien niet met de juist speelwijze. Als je steeds een 95%-speelwijze neemt, dan zal je op deze spellen heel vaak je contract halen. Toch verlies je veel punten ten opzichte van de leider die altijd de 100% speelwijze neemt. Probeer bovenstaand spel zo veilig mogelijk af te spelen.

Fijne kerstdagen en een voorspoedig 2016!

 
Lees meer

Oplossing PodW X: Partnershiptest

gepost door Tom van Overbeeke


Het lijkt een vrij degelijk contract voor de tegenpartij. Naast ♣A lijk je recht te hebben op één troefslag en misschien een ruitenslag als partner V heeft. Dat is niet genoeg om het down te spelen. Het is misschien mogelijk om partner een introever te geven. Dit heeft in ruiten geen zin, omdat je dan geen ruitenslag meer hebt en dat moet dus in harten gebeuren. Dan zou partner bijvoorbeeld xx, x, Vx, HVxxxxxx moeten hebben. De leider heeft dan HVBx, xxx, xxxx, xx. Op zich is dit mogelijk gezien het biedverloop. De leider zal niet op iedere vierkaart schoppen 4♠ hebben geboden, maar HVBx is goed genoeg om dit te proberen, ook als zijn partner bijvoorbeeld een 3-4-5-1 heeft.

Partner heeft bovenstaande kaart echter niet. Hij denkt namelijk ook mee. Als hij die kaart heeft, dan zou hij jou echt wel verteld hebben dat hij wil dat jij harten naspeelt. Dit zou hij doen in de vorm van een lavinthalsignaal in slag 1. Een hoge klaveren vraagt daar om een hartenswitch, een lage klaveren om een ruitenswitch. Hij speelde echter ♣6, waarvan je ziet dat hij niet hoog en niet laag is. Partner vraagt niet om een specifieke switch en heeft de bovengenoemde kaart dus niet.

Het heeft dus geen zin om partner op die hartenruff te spelen. Zijn er echter nog wel andere downvarianten? Als die er niet zijn, dan kan je net zo goed toch harten naspelen. Wie weet heeft partner een foutje gemaakt. Er is echter nog een andere (kleine) downvariant. Partner kan ♠H hebben. Als hij daarmee aan slag komt en hij speelt klaveren, terwijl jij die niet meer hebt, dan promoveert de ♠T. Dat betekent echter wel dat je klaveren na moet spelen!

De oplossing van Guy was dus correct.

Een schitterend spel, dat in de praktijk nog wel mooier is dan als probleemspel. Aan tafel moet je erop vertrouwen dat partner die singleton harten niet heeft, terwijl dat a priori een stuk grotere kans is dan dat hij ♠H heeft. In de Meesterklasse werd er acht keer 4♠ door Zuid gespeeld. Zes keer werd er met ♣A gestart. Slechts twee keer werd het down gespeeld. De partnershiptest is doorstaan door Helmich-Hop en De Groot-Stomphorst. Mooi gedaan!

 
Lees meer