Oplossing PodW VI: Adder

gepost door Tom van Overbeeke


Het probleem van vorige week.
In de praktijk zal iedereen 10 al hebben nagespeeld. Dit is ook logisch: het lijkt minstens zo goed als het alternatief, schoppen. Als de leider hoog troeft, dan promoveren we hopelijk iets van partner. Troeft de leider laag, dan kan partner overtroeven. Gooit de leider iets weg, dan kan partner dat ook doen en kunnen we vervolgens schoppen naspelen.

Laten we echter eerst even verder kijken. Omdat partner 2 ruitens en maximaal 3 hartens heeft en omdat hij gebalanceerd is, is hij gemarkeerd met een 4-3-2-4 verdeling. De leider heeft dan een 5-1-3-4 verdeling. Uit de klaverenslag weten we zeker dat partner ♣HB87 heeft. Het is niet mogelijk dat hij ♣8754 heeft, omdat hij dan 9 of 10 punten in schoppen heeft. Hij heeft dus 5 of 6 punten in schoppen. Verder is nog een opmerking noodzakelijk. De andere tafel speelt het spel waarschijnlijk in de manche. Dat betekent dat het contract 4 down moet. 3 down is niet goed genoeg, 5 down maakt niet uit.

Als de leider aan slag komt, zal hij klaveren spelen met de hoop een klaverenintroever te maken en vervolgens ook K te scoren. Als hem dit lukt, heeft hij 5 slagen, omdat hij altijd 2 troefslagen gaat maken. Dit moeten we voorkomen en dat ziet partner ook. Op het moment dat hij aan slag komt, (bijvoorbeeld met een ruitenovertroever), gaat hij troef na spelen. Hij komt aan slag met ♣K en speelt twee keer troef (we weten namelijk zeker dat partner of ♠A of ♠HV heeft) om zo een klaverentroever te voorkomen. Vervolgens heeft de leider nog twee klaverenverliezers in zijn hand. Wij maken dan 2 schoppens, 1 harten, 2 ruiten en 4 klaverenslagen voor 4 down. Dit lijkt een goed plan, maar er zit een adder onder het gras in de vorm van ♠7. Zie wat er gebeurd als we ruiten naspelen:

Door troef na te spelen voorkomen we dit. Ook dan scoort partner ♠10, maar hier valt dan een troefje van dummy onder. Onder ♠H en ♠V vallen de andere twee troefjes. Dezelfde verdediging is cruciaal als partner ♠AVTx, ♠AV9x of ♠AV8x heeft. Ook dan heeft partner recht op 2 troefslagen en kan hij de tegenstanders alleen uit dummy houden als jij schoppen inspeelt. Er is geen holding bij partner dat jij ruiten moet inspelen om iets bij hem te promoveren, omdat partner altijd troef moet naspelen. De oplossing van Thibo was dus correct.

Bij het uitslaan biedt het nevenpaar zijn excuses aan: “sorry, 660 weg”. (660 is een score die je niet kan verbeteren, in welke manche jij ook speelt). Dat zijn de lekkerste spellen, als jij een fout van het nevenpaar kan goedmaken. Hier was dat het geval. Na een goed begin, een tegenvallend middenstuk en een zenuwslopende eindsprint, waarbij we op het laatste spel nog twee(!) teams inhalen, staat er een ‘2’ voor onze naam en hebben we zilver gewonnen!

 
Lees meer

Probleem om de Week VI: Adder

gepost door Tom van Overbeeke

Board-a-match (BAM) is een leuke speelvorm. Je speelt in een viertal en kunt ieder spel winnen (2-0), verliezen (0-2) of gelijk spelen (1-1). Het maakt dus niet uit hoe groot het verschil is. Als jij het beter doet dan aan de andere tafel, dan win je het spel. Vaak wordt er van BAM gezegd dat dit het ultieme paren is. Daar ben ik het niet mee eens. In paren speel je namelijk tegen ‘het veld’. Zo is “het veld biedt dit slem niet uit” een veel gehoorde uitspraak: als jouw tegenstanders slem bieden, zal dat vaak niet meer dan 30% opleveren. In BAM speel je echter met een nevenpaar en als dat nevenpaar het slem niet biedt, dan hebben jouw tegenstanders het spel verdiend gewonnen. Gelukkig kan je het volgende spel die punten direct weer terugpakken.

Veel grote BAM-toernooien zijn er helaas niet. In Amerika heb je de Reisinger, maar verder is BAM vaak een zijtoernooi voor de mensen die uitgeschakeld zijn. In Opatija, Kroatië was dat afgelopen maand anders. Daar werd het WK BAM voor jeugd gehouden. Een kans om te schitteren dus. In de finale van 18 teams komt het volgende spel voor:



Je hebt een voordeel van je systeem. Zuid is waarschijnlijk bang dat hij aan de andere tafel na 1♣-pas-1 1♠ kan volgen en zo de start kan vastleggen. Aan deze tafel moet hij echter 2♠ volgen. Het is aan jullie om dat af te straffen. Hoe speel je verder?

 
Lees meer

Oplossing PodW V: Ontwikkelingshulp

gepost door Tom van Overbeeke

We zien direct dat er iets moet gebeuren. Als we klaveren naspelen, dan zal de leider zijn klaveren ontwikkelen en zijn verliezers weggooien. Dit is dus geen optie. Andere opties zijn er wel:
– We kunnen schoppen naspelen. Zo voorkomen we introevers in dummy. Dit zou vitaal kunnen zijn als de leider zijn klaveren niet kan ontwikkelen en via introevers slagen moet maken of via introevers in dummy moet komen. Dit werkt bijvoorbeeld als hij KQTxxxx, AQx, xxx, – heeft.
– We kunnen harten naspelen. Zo ontwikkelen we onze hartenslagen of rapen we deze direct op als partner A heeft. Dit kan bijvoorbeeld noodzakelijk zijn als de leider AKTxxx, Qx, xxxx, A heeft. Bij elk ander naspel verdwijnen de hartenverliezers op de klaveren.
– We kunnen ruiten naspelen. Op die manier verwijderen we A voordat hij de klaveren hoog heeft. Dit kan bijvoorbeeld goed zijn als de leider AKTxxx, AQxx, xx, x heeft.

Wat weten we van het spel?
We gaan ervanuit dat partner een even aantal ruiten heeft. Dat zullen er geen twee zijn. De leider heeft dan namelijk een 6-5 en gaat dan niet down. (Of partner heeft met veel punten en veel hartens niets geboden). We maken dus de aanname dat de ruiten 4-2-4-3 verdeeld zitten.
Verder heeft de leider 6 of meer schoppens en spelen we hem ook op 0 of 1 klaveren. Met 2 klaveren bij de leider is er waarschijnlijk niet veel te spelen: of het is altijd gemaakt, of altijd down.

Die derde ruiten is belangrijk bij de leider. Als we ruiten naspelen, dan heeft de leider na het ontwikkelen van de klaveren nog steeds een entree in dummy in de vorm van een ruitenintroever. Als de leider ♣A heeft, begint hij direct met verliezers weggooien. Als partner ♣A heeft, dan komt hij aan slag met ♣A en als we onze harten nu niet kunnen oprapen, (bijvoorbeeld omdat de leider A heeft), dan kan de leider een ruiten troeven en op de klaveren zijn hartenverliezers weggooien. Als we onze harten nu wel kunnen oprapen, dan hadden we dat net zo goed direct kunnen doen. Alleen als partner ♣A en ♠A heeft, kan hij dit voorkomen door met twee keer troef na de leider in zijn hand te plakken.

Schoppen na is om ongeveer dezelfde reden niet kansrijk. Allereerst moet partner schoppen aas hebben, anders dan kan de leider zijn klaveren ontwikkelen met ofwel A ofwel een ruitenintroever als entree. Vervolgens moet partner ook ♣A hebben, omdat de leider anders zijn verliezers kan weggooien om de klaveren. En zelfs als partner deze twee kaarten heeft en de leider bijvoorbeeld HVTxxx, AVx, xxx, x; moet partner bedenken om een rode kleur te switchen en niet om schoppen na te spelen.

We kunnen nu de voor- en nadelen tegen elkaar wegzetten. Ruitennaspel, evenals schoppennaspel, is goed als partner ♠A en ♣A heeft. Hartennaspel is goed als partner A of V en ♣A of V en ♠A. In andere gevallen maakt het niet uit welke we naspelen.

Het is duidelijk dat hartennaspel het meest kansrijk is. Ook aan tafel was dit het geval, maar dit vonden slechts weinig spelers. Het hele spel:

Overigens is het signaal van Oost in slag 1 van vitaal belang. Als hij een oneven aantal ruitens heeft, dan is dat waarschijnlijk een vijfkaart en heeft de leider geen ruitens om in dummy te troeven. Ruitennaspel wordt dan veel kansrijker. Daarom zijn afspraken over dit soort situaties erg belangrijk. Attitude heeft hier geen zin, dus kun je iets anders signaleren. Count is een optie, kleurpreferentie ook. In dat laatste geval zal Oost kleurpreferentie voor harten geven en kan je daarom het hartennaspel vinden.

 
Lees meer
Nog beter signaleren
Sep11

Nog beter signaleren

Er is nog tijd om de tegenspel afspraken te verbeteren voordat de competitie begint. De eerste aspirantentraining ging over tegenspel, de komende Lombard trainingen ook.

Vandaag ga ik dieper in op het Smith signaal, in Nederland merkwaardig genoeg meestal odd ball genoemd. Kennen jullie dit spel nog?



Inderdaad, dit was Toms eerste Probleem om de Week. Na een ruitenstart moet Oost schoppen naspelen als hij aan slag komt in klaver. Tom legt dat hier allemaal keurig uit.

Een ander Nederlands toppaar kwam er in de praktijk niet uit, en het belangrijkste probleem was de interpretatie van de kaart die West speelde in slag twee. Nadat ruitentien naar de heer liep, speelde de leider ♣A en een tweede klaver voor Oost. Oost speelde nu ruiten terug, daardoor aangemoedigd door het hoog-laag bijspelen van de klavers door West.

Los van de vraag of West h/l moet bijspelen ‘om A te tonen’, of dat ‘hoog/laag een vijfkaart ruiten moet aangeven’, gaat het hier om iets belangrijkers. Moet je in deze situatie eigenlijkt wel Smith spelen?

Tot en met Eerste Divisie niveau zou ik zeggen: speel helemaal geen Smith. In de Meesterklasse kan het wel, maar alleen als je het volledig doorspreekt.

De conclusie van dat doorspreken zou dan moeten zijn dat we alleen Smith spelen in de standaardsituatie dat partner in de derde hand een honneur inlegt en de naasthogere honneur zou kunnen hebben. Simon de Wijs heeft ons dat geleerd, en ik ben er erg over te spreken. Alleen in die situatie kan de derde man door hoog bij te spelen in slag twee aangeven dat hij het missende plaatje heeft.

De uitkomer seint dus alleen maar distributie (als dat nodig mocht zijn!) of kleurvoorkeur. En zijn partner dus meestal ook. Kleurvoorkeur (Lavinthal) signaleren in het tegenspel tegen SA is een heel krachtig wapen. Beter en makkelijker dan Smith. Wat wil je nog meer?

turen in de verte

 
Lees meer

Probleem om de Week V: Ontwikkelingshulp

gepost door Tom van Overbeeke

Welkom in Chicago. In het Zwitsers viertallentoernooi speel je in een sterk bezet veld met een nieuwe partner. Op het volgende spel krijg je een kans om punten te pakken.



Je speelt in een oningespeeld partnership, dus je bent niet helemaal zeker wat partner met 9 seint. Je verwacht echter dat dit count is (hoog-laag even). Wat speel je na?

 
Lees meer
Actualiteit
Sep05

Actualiteit

Morgen is de eerste jeugdtraining van het seizoen – ik vind het leuk om de aspiranten weer les te kunnen geven. Met een opnieuw verjongde groep – sommige spelers bezoeken hun eerste training – gaan we op weg naar het WK in Salsomaggiore.

Ik kan natuurlijk niet om het grote nieuws heen, maar heb lang gezocht naar een manier om het aan de orde te stellen tijdens de training. De hele bridgewereld is immers geschokt en/of in verwarring. Hoe moeten we dit alles nu voor onze jongste bridgers proberen te duiden?

Deze hele geschiedenis lijkt onvermijdelijk op een tragisch einde af te koersen. Maar kunnen we er iets van leren? Had er iets kunnen worden gedaan om e.e.a. te voorkomen?

Wat mij in eerste instantie het meest heeft aangegrepen was de geschiedenis van de hoofdrolspelers. Met de kennis van nu roept dit de nodige vragen op. Vragen die met de kennis van toen ook hadden kunnen worden gesteld.

Feit is dat er in de jeugdopleiding niet heel veel aandacht is voor ethiek bij bridge. Noodgedwongen zal dat nu – in elk geval voor even – veranderen. Maar voor het grootste deel zal de training natuurlijk gaan over een ‘echt’ bridgeonderwerp, in dit geval signaleren in het tegenspel.

Bij tegenspel zijn signalen van grote waarde. Zie hier het eerste voorbeeldspel uit de aspirantentraining over dat onderwerp uit 2011 (spel afkomstig uit Woolsey’s Partnership Defense in Bridge):

probleem1

Met een aan/af signaal vertel je partner niet alleen wat je in de uitkomstkleur hebt. Je probeert hem te helpen in het tegenspel. Op het spel hierboven wil je een klaverswitch, het liefst ♣10, dus moet je de hartens afseinen. Partner zal dan switchen naar klaver.

 
Lees meer